Lachen, afzien en genieten tijdens The Longest Day

“Het is de vraag of je het op deze dag door wilt laten gaan.” Met die woorden sluit  NOS-weerman Gerrit Hiemstra zijn appje af. Het is dinsdagmiddag en over minder dan 72 uur willen we beginnen aan ons jaarlijks fietsavontuur: The Longest Day. Het hele feest een dagje opschuiven? In theorie kan het, maar de praktijk is met veertien overvolle agenda’s weerbarstiger. Vrijdag gaat het gewoon gebeuren. 408 kilometer met als thema ‘Oost West, Thuis Best’.

De weersvoorspellingen worden er niet beter op als diverse nieuwssites donderdagmiddag ook nog eens schrijven over ‘mogelijke tornado’s’. “Als we die dan maar wel in de rug hebben”, grapt Steven vanaf de achterbank terwijl we op weg zijn naar startplaats Hellendoorn. Het is dik boven de dertig graden en als we morgen ook deze temperaturen hebben, kan het in de middag nog wel eens pittig worden. De gedachten gaan al gauw terug naar de eerste editie van The Longest Day, waarbij in Zevenbergen bijna een peloton wielrenners smolt.

Donderdagavond rond negen uur is het veertiental compleet. Twaalf coureurs en twee geweldige ploegleiders kijken met een schuin oog naar het Nederlands elftal maar praten vooral veel over de dag die komen gaat. Sommigen hebben elkaar al maanden of langer niet gezien en er is dus genoeg bij te praten. Ondertussen worden de apps van Buienradar veelvuldig gerefresht; het ziet ernaar uit dat we droog starten. Dat scheelt al een heleboel. En terwijl buiten de andere hotelgasten de prijsuitreiking van hun bridgetoernooi afwerken, proberen wij wat te slapen. Om kwart over drie gaat wekker. Waarom willen we dit ook alweer?

Als de wekker gaat, heb ik het idee dat ik geen seconde heb geslapen. Ik ben nog helemaal duf en ik voel me hartstikke gaar maar trek snel mijn wielerkleding aan. Tien minuten later staat op de stoep van het hotel ons ontbijtbuffet klaar. Yoghurtjes, bananen, krentenbollen worden snel maar vakkundig naar binnen gepropt. Reepjes, gelletjes verdwijnen in de achterzakken van ons o zo mooie lichtblauwe shirt. Bidonnen met poeders worden gevuld. In de verte komt Rob aangefietst, hij heeft gewoon thuis geslapen. Om precies vier uur vertrekken we in zuidoostelijke richting. The Longest Day 2021 is begonnen.

Het is nog donker in Overijssel en het is en blijft lastig fietsen als je alleen maar wat kunstlicht tot je beschikking hebt. Het is concentreren geblazen. Maar gelukkig zorgt het olijke duo Hoogerland – De Jongh voor een strak tempo aan kop van het peloton. Het zal niet voor het laatst zijn dat ze vandaag op kop rijden.  Ze rijden flink door, maar doen dat zeer gelijkmatig en sociaal. Dat betekent dus: niet na elke bocht meteen vol op de pedalen. Ik rij op de derde rij en het is een genot om te zien hoe vakkundig de ervaren mannen voor mij alle bochten aansnijden.

De eerste lekke band (in totaal vallen er vier) wordt gauw verholpen door een reservewiel uit de ploegleidersbus. Sfeer is opperbest en met het tempo zijn we meer dan tevreden: boven de 35 gemiddeld. Op de Holterberg zijn er PR’en gesneuveld. En dat in het donker. We rijden over de grote baan, de fietspaden laten we figuurlijk links en letterlijk rechts liggen. Er is toch nog geen kip op de weg en met de bus achter ons is het zo veilig genoeg en rijden we lekker door.

Als we ten westen van Arnhem rijden, moeten de lampjes ineens weer aan. Het wordt hartstikke donker. En een minuut of tien later rijden we in de regen. Twintig minuten later rijden we in de stromende regen. En dertig minuten later rijden we in helse bui. Het water komt o-ver-al vandaan. Er is zoveel water dat fatsoenlijk ademen niet meer te doen is. Ik heb het idee dat ik al fietsend word gewaterboard. De regen valt zo hard naar beneden dat het pijn doet. Later zal Steven roepen dat dit voor het eerst in zijn carrière is dat hij stroomafwaarts heeft gefietst.

Koffie! Inmiddels zitten we dik vier uur op de fiets en staat bijna 140 kilometer op de teller. Binnen bij het pompstation halen ploegleiders Han en Daan koffie voor ons. Johnny gooit wat muntjes in de wasstraat en spuit een stuk of zes fietsen weer hartstikke schoon. Niet alleen uren en uren kopwerk voor je rekening nemen, maar er ook nog even voor zorgen dat we bien soigné onze weg kunnen vervolgen. Tegelijkertijd wordt er druk getelefoneerd met Kalmthout. “We rijden zo hard, dat de lunch een soort van ontbijt wordt”, roept Michael in de telefoon.

Op een paar kleine incidentjes na verloopt de gehele tocht hartstikke veilig. Ergens in de Betuwe vindt de eigenaar van een Mini het nodig om zijn auto tussen ons in te prakken. En in de middag weigert een BMW om te stoppen aan zijn kant van de weg en rijdt recht op ons af. Het loopt allemaal goed af. En eerlijk is eerlijk: ook wij hebben ergens wel eens iets gedaan wat een stukje netter had gekund en gemoeten.

Onderweg zien we steeds meer mensen die ons langs de kant van de weg opwachten en vrolijk naar ons zwaaien. Een enkeling roept zelfs ‘Bumper!’. En alhoewel ik het vorig jaar- toen wij solo onze Longest Day voltooiden – ook al eens meemaakte, blijft het gek om mee te maken. Aan de andere kant: vanwege de live tracking van Follow My Challenge is het erg makkelijk om precies te voorspellen hoe laat we ergens langskomen. Je staat geen uren voor Jan Doedel langs de kant van de weg.

In het zuiden van Brabant worden de wegen slechter. Geen soepel rijdend asfalt, maar veel wegen met klinkers. Het rijdt vervelend en het kost veel energie. Het is onze eigen schuld dat we wat langer in dit gebied rijden dan eigenlijk zou hoeven. De reden? Nu we er toch zijn vinken we meteen maar wat extra gemeentes af. Gilze Rijen, Alphen-Chaam, Loon op Zand en Dongen. Het tempo zit er nog steeds goed in. En de temperatuur loopt steeds verder op. Het is nog geen twaalf uur en de temperatuur loopt al richting de dertig graden.

We zijn bijna in lunchplaats Kalmthout als er iemand in een zwart shirt zich bij ons aansluit. In eerste instantie herken ik hem niet. Pas als hij begint te praten, herken ik zijn stem. Niemand minder dan Erik Breukink rijdt even een stukje met ons mee. In de tuin van Michael stoppen we ons vol met de pasta, salade en taarten die vol liefde door Darya en Renée zijn bereid en klaargezet. Precies een uur later rijden we weg, langs de villa van Afrojack (duurste huis van België) naar de prachtige Kalmthoutse heide. Al fietsend kijken we elkaar glimlachend en met verbazing aan. De wind is gedraaid en we hebben ‘m net als de eerste 230 kilometer nu weer schuin in de rug.

Het wordt warmer en warmer. En langzaam maar zeker begin ik het slechter te krijgen. Ik krijg een beetje weeïg gevoel in mijn buik en heb niet echt veel zin meer om te eten en drinken. Maar omdat ik weet dat het moet, neem ik toch kleine hapjes en duw er met hangen en wurgen een gelletje in. Het is nu dertig graden en bij de eerstvolgende stop gooi ik twee flessen water in mijn nek. De omgeving is prachtig en de kilometers vliegen onder de wielen door. Maar zo lang stilstaan is ook niet relaxt; het wordt te warm. Gauw rijden we door. Richting Rotterdam.

In de Heinenoord-tunnel missen we de afslag voor de fietsers. We rijden de tunnel voor autoverkeer in. Niet helemaal de bedoeling. Maar gelukkig is het inderdaad de tunnel wel hartstikke koud. Het opspattende water voelt en ruikt gek. Als we de tunnel uitkomen zien we wat er aan de hand is: we zitten helemaal onder een zwarte drap, een mix van olie, roet en andere smerigheid. We moeten er hard om lachen. Eigen schuld.

Ik heb het nog steeds superheet. Uit een soort van pure wanhoop spuit ik de inhoud van bidonnen over mijn hoofd heen. Als gevolg van de poeders en allerlei vloeibare koolhydraten die ik aan het water heb toegevoegd, rij ik rond als een soort van fietsende suikerfabriek. Alles plakt. Mijn wielershirt staat op standje Brice Feillu. Thank God houden we in de schaduw even stil. Even een kwartier op temperatuur komen. Ik gooi er twee paracetamollen en wat ORS in. Twintig minuten later zit ik herboren op de fiets.

Tijdens de laatste uren is het druk op de weg. Er zijn veel fietsers bijgekomen en op de dijken bij Krimpen aan de IJssel, Gouda en Montfoort is het soms smal. De snelheid zit er echter nog steeds goed in en we liggen dik anderhalf uur voor op het snelste schema. In Harmelen – nog 33 kilometer te gaan – veroveren we het centrale plein. De drinkwaterfontein draait overuren. Ondertussen duikt Johnny  de supermarkt in en komt terug met een doos ijsjes en een sixpack Desperado’s (!). Het hoort er allemaal bij op deze fantastische dag, voor mij elk jaar een van de fietshoogtepunten.

Het is even na zevenen als we Soest binnenrijden. Over een minuut of drie zitten we aan een fles Westmalle. Of toch niet. Want ineens rijd ik op mijn velg. Lek! Op anderhalve kilometer van de finish alsnog een lekke band. De ploegleiderswagen is al doorgereden naar mijn huis en dus moeten we ‘ouderwets’ een bandje vervangen. Het is zo gepiept en we moeten er allemaal om lachen.

Dolblij en opgelucht ploffen we in mijn tuin neer. Lonneke heeft voor een emmer bitterballen en een badkuip vol koude Westmalle gezorgd. Het valt goed in de smaak. Overal staan smerige frames, hangen wielershirts en liggen uitgeputte wielrenners in het gras. De één kan niks meer zeggen, de ander rent de trap nog even op om nog een schaal met hapjes aan te nemen. We praten na, we lachen veel, we bladeren in het boek dat we van Rob hebben gekregen en we wisselen foto’s en filmpjes uit.

De vijfde Longest Day zit erop. 408 kilometer in 34,5 gemiddeld. Het is weer een prachtig avontuur geworden om nooit te vergeten. Met een boel vrienden een hele dag afzien en tegelijkertijd genieten op de fiets. Het is een combinatie die wielrennen zo mooi en speciaal maakt.


Meer video’s zien? Check de onze Insta Stories op @thelongestdaycc en @hendriksmj

4 gedachtes over “Lachen, afzien en genieten tijdens The Longest Day”

  1. Wat een prachtig avontuur en wat heb ik een respect voor jullie allemaal! 408 km met een gemiddelde van 34,5 km/u (!) onder barre omstandigheden,
    Erg mooi opgeschreven en kan niet wachten op de podcast.

  2. Geweldig verslag. En inderdaad bloedheet die dag. Ik vertrok die ochtend, ietsje later, ook uit Helle doorn, maar gelukkig was Nijmegen die dag mijn eindpunt. Dus ontzettend veel bewondering voor jullie bikkels. Proficiat met jullie snelle tijd.

  3. Wordt het geen tijd dat jullie lid worden van een wielrenclub? Met zulke snelheden op de openbare weg is veel te gevaarlijk.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.