Van Soest naar Soest en weer terug naar Soest

Huh? Waar komt ineens dat lawaai vandaan? Het is kwart voor elf ’s avonds als ik wakker word van het geluid van … regen. En niet zo’n beetje ook. Over dik een uur wil ik vertrekken voor mijn Longest Day. Hier heb ik me weken op verheugd en nu regent het pijpenstelen. Moet ik in deze omstandigheden wel gaan rijden? Het is immers ook nog eens hartstikke donker. “Ja”, zeg ik tegen mijzelf.

En zo rijd ik om 00.01u weg bij mijn huis in Soest. Op weg naar Soest in Duitsland om daar meteen om te draaien en praktisch dezelfde weg terug te rijden. Mijn Longest Day van 500 kilometer is begonnen. In de app-groep zie ik direct al foto’s en berichtjes van vrienden voorbij komen. Enkele van ons zijn ook op dit bizarre tijdstip vertrokken. We wensen elkaar sterkte en succes. Normaal rijden we met zijn allen in deze tijd van het jaar met elkaar een monsterlijk lange rit. Vanwege de coronamaatregelen zijn we nu een soort van verplicht het anders aan te pakken. En dus rijdt iedereen alleen.

De eerste kilometers gaan goed. Op veel plekken is er straatverlichting en is de nog natte weg goed te zien. Wielrennen in de nacht is totaal iets anders dan overdag. Ik merk aan mijzelf dat ik me heel erg moet focussen op de weg. Ik speur het asfalt af op zoek naar gaten of takken en stuur er omheen. Het is vermoeiend. Maar misschien komt dat gevoel ook wel vanwege het feit dat ik maar anderhalf uur geslapen heb. Vroeg naar bed is nooit mijn ding geweest en nu moest ik mijzelf dwingen om om negen uur naar bed te gaan.

“HUUUUUUUUAAAAAHHHHHIIIEEEEEEEE”. Als er mensen zijn die deze oerkreet gehoord hebben, in de buurt van Arnhem, zo rond de klok van 01:45 uur, dan wil ik ze bij deze geruststellen. Ik was het. Ik had namelijk het idee dat ik werd aangevallen door een roedel (?) wilde zwijnen. Ineens renden ze voor en achter me langs op een pikkedonker weggetje en dus gilde ik het uit. Zo waren zo groot als een tyrannosaurus rex (maar ze kunnen ook iets kleiner zijn geweest…). Al gauw moet ik erg had lachen om mijzelf, wat een aansteller.

De omgeving is hier prachtig. Maar ik zie er alleen helemaal niks van. De schoonheid van de Veluwe en de Achterhoek is nog verborgen door het gebrek aan licht. Maar ergens op enkele kilometers voor Winterswijk komt daar verandering in. Het is een uur of kwart over vier als de zon langzaamaan op begint te komen. Op dit mooie moment had ik me heel erg verheugd. Maar vanwege de vele wolken, komt de vreugde nu vooral vanwege het praktische nut dat het daglicht heeft: ik hoef me een stuk minder op de weg te concentreren.

Gelletjes, cafeïne-blokken, hippe repen en ouderwetse boterhammen. Alles heb ik ondertussen al naar binnengewerkt. Ik moet vandaag de hele dag blijven eten. Ook als ik geen honger heb, moet ik blijven eten. De energie moet worden aangevuld. De grote ontdekking van vandaag is voor mij Beta Fuel. Tip van Stefan Bolt, Dirty-Kanzellaar-in-crime. Tachtig gram koolhydraten, oplosbaar in je bidon en ook nog goed te drinken. Eén bidon van dit spul staat gelijk aan bijna een halve kilo macaroni. In totaal slurp ik vandaag zes van deze zakjes weg en verbrand ik in totaal bijna 13.000 calorieën.

Fietsen in Duitsland is totaal wat anders dan in Nederland. Uitdagend, zou je het met een positieve term kunnen noemen. Onoverzichtelijke teringzooi vind ik een benaming die wat beter in de buurt komt. Fietspaden die uit het niets ophouden, de kwaliteit hebben van een gemiddelde kasseistrook uit Parijs-Roubaix of levensgevaarlijk gecombineerd worden met een doorgaande weg waar de Audi’s en Volkswagen je met 100 kilometer per uur passeren. Het is oppassen geblazen. In Duitsland is de auto de baas. En dat is aan alles te merken.

Toch gaan de kilometers in Duitsland voorspoedig. Met een fijne Rückenwind komt het Duitse Soest dichter- en dichterbij. En hoewel ik een standje krijg van de eigenaar van de benzinepomp omdat ik mijn mondkapje vergeet op te doen, is iedereen aardig en vriendelijk voor deze dwaas op wielen. De omgeving is bosrijk en het aantal rustige landweggetjes waarop ik rij begint in aantal toe te nemen. Zelfs het gravelpaadje van zeven kilometer langs een rivier is – afgezien van de zware industrie aan de andere oever – een lust voor het oog. Ik stuur een sms’je naar Frank Zöllner, hij schrijft voor de Soester Anzeiger en wil graag een artikeltje voor zijn krant over mij schrijven. Soest en Soest hebben een vriendschapsband met elkaar en dit vindt hij een mooie gelegenheid om die banden aan te halen. “Ankunft 09.30 Uhr”.

Op het fraaie centrale plein van Soest staat niet alleen Frank, maar ook de loco-burgemeester en leden van Radsport Verein Soest. Alleen een fanfare die het Wilhelmus blaast, ontbreekt. Met alle egards word ik onthaald. Ik krijg een petje een vaantje (!) en veel vragen. Maar datgene waar ik het meest naar verlang, moet ik zelf halen: koffie. Het mag de pret niet drukken. En na drie rondjes te hebben gereden voordat Frank de goede foto heeft, rijd ik Soest weer uit. Het is 10.15u en ik lig perfect op schema. Van de tegenwind merk ik nog weinig. Vier leden van de fietsclub houden mij keurig uit de wind. Heel erg prettig.

Vlak voor mijn Grote Inzinking neem ik bij weer een benzinestation even rustig de tijd om de Insta Stories van de andere Longest Day’ers te bekijken. Het is mooi om te zien hoe iedereen aan het fietsen is. Herman rijdt van Turkeye naar Denemarken, Steven fietst dwars door Vlaanderen langs alle plaatsen waar hij als prof ooit heeft gewonnen, Johnny rijdt een rit van bijna 6.500 hoogtemeters inclusief een eigenlijk afgesloten Monte Zoncolan en Aart Kees en Jasper doen een trip-down-memory-lane door hun Overijssel. De kaart met bewegende stipjes – leve Follow My Challenge – is een erg fijne toevoeging aan de editie van dit jaar. Want zo rijden we toch nog een beetje samen met elkaar.

De Grote Inzinking begint met nog 150 kilometer te rijden. Ik ben het fietsen in Duitsland met zijn waardeloze asfalt, kleine klimmetjes en tegenwind helemaal zat. En telkens als ik op mijn kilometerteller kijk hoever ik al ben gevorderd, geeft het apparaat (Wahoo Roam, onderweg opladen had eigenlijk niet gehoeven, denk ik) aan dat ik slechts 1 kilometer ben opgeschoten. Voor het eerst zakt het tempo onder de 25 per uur. Twee uur lang heb ik het ontzettend slecht. En ik merk dat ik ook een beetje in slaap begin te vallen. Vlak na Winterwijk besluit ik even in de berm te gaan liggen. Als ik niet oppas, lig ik hier zo een uur te tukken. Ik bel met Herman. Ik wil ook even weten hoe het met hem gaat. We peppen elkaar een beetje op. Afstappen? Nooit.

In Vorden staan Kees en schoonmoeder Corrie me op te wachten. Met een ovenschaal pasta en koude blikjes cola zijn ze uit Soest naar me toegereden. Op een klapstoel op de parkeerplaats van de Aldi kom ik weer helemaal bij. Mijn lichaam had gewoon even wat normaal voedsel nodig in plaats van al die energie in reep- en poedervorm. Herboren rijd ik verder. Ik kan weer een normaal tempo rijden. Nog vier uurtjes en dan ben ik thuis.

Fietsvrienden Patrick, Erik en Jan hebben vanuit Soest de moeite genomen om mij tegemoet te rijden en mij in een zetel naar huis te brengen. Heerlijk om met 35 gemiddeld in iemands wiel te zitten. Het laatste uurtje vliegt op deze manier voorbij. Even nog snel een foto met het plaatsnaambordje en door naar huis. Daar heeft Lonneke wat familie en vrienden opgetrommeld. “Ik had wel zin in een feestje”, zegt ze tegen me. Na twee Westmalle heb ik het gevoel alsof ik een krat op heb gedronken.

Via Zoom hoor ik van alle andere Longest Day-rijders hun verhaal. Normaal zitten we met z’n allen bij elkaar, op het terras in een plaats in een uithoek van Nederland. Nu zit iedereen thuis en nemen we de dag op deze manier door. Het is mooi te horen wat iedereen onderweg heeft meegemaakt. Deze dag was op deze manier schitterend om mee te maken, maar we kunnen niet wachten tot we volgend jaar juni weer met elkaar samen mogen rijden.


Paar mensen wil ik hier graag bedanken, omdat zij hebben geholpen om deze dag tot een fijne te maken. Allereerst Nulelfzeven voor site en social media. Follow My Challenge voor de tracking software. Daan en Christian van Bikeshoe4U en Lake Cycling. Steven voor onze belangrijkste veiligheid, Michael voor o zo fijne 36Cycling-shirts 

6 gedachtes over “Van Soest naar Soest en weer terug naar Soest”

  1. Wow wat een bijzondere fietstocht. “Hut ab” zou de Duitser zeggen. Weliswaar ben ik Nederlander woonachtig in Duitsland. Dus zeg ik RESPECT.

    Ps. In Duitsland lees grensstreek Grafschaft Bentheim word hard gewerkt aan verbetering van infrastructuur voor fietsers.

    Idd zijn fietsers in Duitsland slecht beschermd.

  2. Hele knappe prestatie Martijn. Dankzij de app hebben we de hele dag meegekeken. Samen met de foto’s en video’s op Instagram hebben we een prachtige “kijkdag” gehad.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.