The Longest Day; de Zuid-Noord-lijn

Dat er ook in 2019 een Longest Day verreden zou gaan worden, dat wisten we eigenlijk al toen we in 2018 na 440 kilometer in Vlissingen arriveerden. Het is inmiddels een traditie geworden. Weliswaar eentje waarbij je verschrikkelijk af moet zien, maar ook eentje waar elke deelnemer zich het hele jaar op verheugt. Iedereen heeft zin in die ene dag, 21 juni, waarop de zon het langste schijnt. Een dag vol bikkelen en afzien, maar ook met veel pret en geluk.

Het gevloek is dan ook groot als een chirurg van het ziekenhuis in Amersfoort op 10 mei tegen mij zegt dat ik het fietsen wel kan vergeten voor de komende vijf à zes weken. Als ik anderhalve week later ook nog eens te horen krijgt dat ik mij vooral op de Longest Day van 2020 moet richten, is de wereld even te klein. Het advies van dr. Van Olden kan ik moeilijk negeren. Hij is naast arts in Amersfoort ook de ploegarts van wielerploeg Jumbo-Visma en heeft er dus wel enig verstand van. Normaal hang ik aan de lippen bij mensen uit de wielerwereld, nu vind ik zijn verhaal verschrikkelijk.

Ik zet voor mijzelf de deur nog op een kier. Maar als ik een week voor The Longest Day nog geen 440 centimeter kan fietsen, hak ik de knoop door. Voor mij geen mooiste wielerdag van het jaar. Althans, niet op de fiets, maar wel in de ploegleiderswagen. Chauffeur, verzorger en ploegleider ineen. Dan er in de Volkswagen Transporter van schoonvader Evert maar een mooie dag van maken en de heren coureurs maar bien soignés op pad sturen.

Het startschot valt om 04.10 uur op de Bosschstraat in Maastricht. In het halfuur daarvoor stouwt iedereen zich vol met bananen, yoghurt, reepjes en broodjes kaas. Slingerend tussen de studenten door zetten elf man koers richting het noorden, richting Winschoten. Op straat is het nog druk, veel studenten komen net de kroeg uit en beginnen spontaan te applaudisseren als er een in het wit gestoken pelotonnetje zich in gang trekt op weg naar Winschoten, 430 kilometer verderop.

Het begin is lastig, veel kronkelweggetjes in het zuiden van Limburg. En als anderhalf uur later de zon recht in het gezicht van renners en ploegleiding gaat schijnen, is het lastig om te zien waar de weg begint en ophoudt. De zon klimt gelukkig langzaam hoger aan de hemel en de wegen beginnen zich meer en meer aan de oevers van de Maas te houden. In Blitterswijck zwaaien we zogenaamd naar Wout Poels, in Afferden plakken we een band (de eerste in drie jaar!) en al gauw zijn we in Groesbeek waar we in een gastronomische hemel belanden: de ouders van Rick  hebben een tafel vol met koude cola, hete koffie en gigantische stukken taart voor ons neergezet.

Iedereen voelt zich nog goed. Herman is op dat moment al tevreden met de eerste 140 kilometer. “Ik heb het hele jaar nog niet zo ver gereden”, zegt hij koeltjes. Dertig minuten later zetten elf verschillende merken frames (toch bijzonder, niet?) koers richting Millingen aan de Rijn, er wordt gereden door een prachtig natuurgebied ten zuidoosten van Nijmegen. Bossen met heuvels en prachtige polders waarvan de ploegleiding weinig meemaakt. Omdat het pontje niet toegankelijk is voor auto’s, racen wij via de snelweg richting Zeddam, voor alweer een koffie op het terras.

Oostwaarts, richting de Achterhoek. En met de wind – die inmiddels uit het westen is gaan blazen – in de rug, gaat het met een gangetje van 40 kilometer per uur naar de volgende stop: Winterswijk. In de auto worden er inmiddels wielerquizjes gespeeld, collega’s geïmiteerd en verhalen uit de oude NOS-doos gehaald. Never a dull moment als je met Han en Pascal op pad bent.

Halverwege de dag kijkt rookie Rob Harmeling nog even fit uit zijn ogen als die ochtend. Hij vindt het een ‘machtige dag’ en is blij met de honderd kilometer die hij de dag daarvoor nog heeft gereden. En dat terwijl hij ons voorafgaand in de appgroep nog bang heeft gemaakt met opmerkingen als ‘trainen is voor talentlozen’. De verbazing is nog groter als Rob na dik 300 kilometer opbiecht dat zijn wekker straks om 07.00u gaat. “Even een clinic geven”, zegt hij met een grote glimlach van oor tot oor. Als hij de dag later een foto stuurt, geloven we het pas echt.

In de Achterhoek en in Twente is het prachtig fietsen. De wegen zijn goed, maar er moet vanwege het hoge bebouwdekomontwijkengehalte goed op de navigatie gekeken worden. Belangrijk is daarbij ook dat er niet per ongeluk een verkeerde afslag genomen wordt en het pelotonnetje in Duitsland belandt. Doel van deze editie is immers: zo dicht mogelijk bij de grens blijven, maar nooit erover. Eén keer gaat het mis en rijden we voor twintig meter in Duitsland. Niemand die er wakker van ligt.

In Gramsbergen worden we feestelijk onthaald. De ploegleiding regelt een half uur voor aankomst van de renners dat er een grote plaat met tosti’s klaarstaat. Zelf nemen we een tripel, een witbier en een gewone. Verschil moet er zijn, toch? De gasten op het terras wilden graag weten wat we in hemelsnaam aan het doen zijn en hoe we in Gramsbergen terechtkomen. De bediening is alleraardigst en zorgt ervoor dat we gauw weer kunnen vertrekken. Winschoten is nog 90 kilometer ver. De schaamte in de auto is dan ook groot als we er even later achterkomen dat we vergeten zijn te betalen. Langs het Coeverderkanaal scheuren we met het schaamrood op de kaken terug.

Ter Apel blijkt het langste en dunste dorp ter wereld. Althans, dat is de mening in de wagen. Aan weerszijden van het water een rij huizen en daarachter niks. Even later, in Jipsingboermussel, ploft het peloton nog eventjes neer. Cola’s verdwijnen als sneeuw voor de zon in de dorstige kelen. Sommigen vallen bijna in slaap. Maar het einde is in zicht. Winschoten doemt op aan de Groningse horizon.

Als we rond half tien aankomen in Winschoten, schiet sportfotograaf Joris Knapen zijn laatste foto’s. Hij is praktisch de gehele dag met ons meegereden en heeft onderweg de meest fraaie foto’s van ons gemaakt. “Ik had toch niets te doen vandaag”, zegt hij droogjes. Wij zijn hem eeuwig dankbaar voor hoe hij deze dag zeer professioneel heeft vastgelegd. Nadat hij onze omhelzingen heeft vastgelegd,  springt iedereen onder de douche.

Achttien bittergarnituur en veel speciaalbier later is de sfeer in de hotelbar opperbest. Zelfs de opgelopen irritaties door de eikenprocessierups kunnen het plezier niet bederven. The Longest Day 2019 was een feest, net als die van 2018 en 2017. Zelfs de plannen voor 2020 worden – eerder dan normaal – door ondergetekende ontvouwd. En hoewel iedereen doodmoe is, wordt de route met gejuich ontvangen. Ik kan niet wachten tot het zover is. Een dag in de auto is hartstikke prima en gezellig, maar ik wil het graag bij deze ene keer laten.

Grote dank aan 36 Cycling die ons voorzien heeft van shirt, broek, windjack en sokken. Dikke kudos voor Studio nulelfzeven voor het helpen bij het ontwerpen van die o zo fraaie wielerkleding. Hieperdepiep hoera voor MIR Sportsmarketing dat ons overladen heeft met reepjes, gelletjes en bidons. Props voor Hooijer Vuurwerk voor het beschikbaar stellen van zijn ploegleidersbus. Ultiem tof hoe Sjoerd voor ons een heerlijke pasta in elkaar heeft gedraaid. Als laatste een dankwoord voor de ouders van Rick in Groesbeek en Arjan en Marlies in Winterswijk voor het openstellen van hun huis voor elf hongerige en zweterige wielrenners. 

En voor de liefhebber is de route ook te downloaden.  

2 gedachten over “The Longest Day; de Zuid-Noord-lijn”

  1. Fantastische rit en dito verhaal. Fraaie platen van Joris erbij en het lijkt wel een jongensboek 😉

    Waanzinnige prestatie van de mannen en kudo’s voor de ploegleiders.

  2. Goedemorgen!

    Leuk om te lezen zal eens aan de kortste dag gaan denken met mijn fietsvrienden, wat jullie doen chapeau!! Leuke site ( zal het af en toe eens aanklikken).
    Gr,
    Sean Kelly (:)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *