Een Drents wielerfeestje op de VAM-berg

Mijn eerste herinnering aan de VAM-berg zal van iets meer dan tien jaar oud zijn. Als slowmotion-redacteur van Studio Sport moest ik naar de Ronde van Drenthe. Het was niet de eerste wielerkoers die ik voor mijn werk bezocht, dat was in 2005 de Eneco Tour. Daar ontmoette ik voor het eerst Mart Smeets. Mijn eerste beeld van Mart-als-collega was een groot lijf dat achterwaarts afdaalde van een klein wankel trappetje op weg naar de stoep waar ik mij bevond. Maar dat is weer een ander verhaal.

Links de kasseien, rechts het asfalt.

Terug naar de Ronde van Drenthe, daar waar ik samen met regisseur en goede vriend Pascal Clement voor enkele uren in een piepklein regiewagentje vertoefde. Het peloton denderde over de VAM-berg heen. De commentator en le régional de l’étape Herbert Dijkstra vertelde vol enthousiasme over de vuilnisbelt waar een strook asfalt overheen was gelegd. “Eens per jaar gaat het hek open en dan mag erover gefietst worden. Tot groot verdriet van alle wielerliefhebbers is deze col de rest van het jaar gesloten.” Met enige dichterlijke vrijheid zet ik zijn quote tussen aanhalingstekens. Gefactcheckt heb ik hem niet, maar iets van die strekking zal het zeker zijn geweest.

Echt veel fietste ik enkele jaren na de eeuwwisseling zelf nog niet. Ik had een mooie Giant TCR met T-Mobile stickers en Shimano 105, maar die stond bij mijn moeder in de schuur. Het interesseerde me niet zoveel of je wel of niet over die vuilnisbelt kon denderen. Hoe anders was dat eind vorig jaar, toen ik voor het eerst hoorde dat je binnenkort over de VAM-berg kon fietsen. Enthousiasme-deluxe. Valverde-achtige klimmetjes in Drenthe, hoe tof wil je het krijgen?

Panorama, kan ik ook.

“Zullen we aan het begin van de herfstvakantie een weekendje naar het Hof van Saksen?” vroeg mijn vriendin begin oktober. “Dat is toch dat mooie bungalowpark in Drenthe?” antwoordde ik retorisch. Ik wist maar al te goed waar dat park lag. De vorige keer dat we daar waren, genoot ik van het tientallen kilometers lange MTB-parcours bij Gieten. Snel checkte ik wanneer de VAM-berg geopend zou worden, ik had immers gelezen dat dat rond de herfstvakantie zou zijn. “Hartstikke leuk, dat Hof van Saksen!” concludeerde ik. Ondertussen zag ik mijn racefiets al in de kofferbak van de auto liggen.

Hoe het gebeurde weet ik niet. Of beter gezegd: hoe het niet gebeurde weet ik niet. Maar dat weekende belandde ik niet op de net geopende Col du VAM. Racefiets ongebruikt mee retour. Maar erg was dat niet. Zwembaden, kinderen, speelparadijzen, tripel karmeliet en goede avonden met vrienden die daar ook verbleven, waren prima redenen om een weekendje over te slaan.

Het is net een Windows-wallpaper he?

Thuis aangekomen na een lang weekend in Drenthe bleek de iPad in het appartementje achtergebleven te zijn. “Hè wat vervelend nou! Nee, u hoeft hem niet op te sturen hoor. Ik kom ‘m gauw zelf even ophalen. Geen énkel probleem.”

De route stond nog in mijn Wahoo, het herfstzonnetje was aanwezig en dus stond niks meer een bezoekje aan de de VAM-hemel in de weg. Afgezien van een lieve oudere meneer die aanbood om een foto van mij op de top te maken en een verdwaalde (?) mountainbiker was er niemand. Ik had de hele VAM-berg voor mij alleen.

Selfie-stand werkt ook op de VAM.

Hoe het daar was? Tof. Drenthe heeft er echt wat van gemaakt. Je kan de berg van vier verschillende kanten opfietsen. En de beklimminkjes zijn best wel stevig te noemen. Stukken van 15 procent waar je echt even flink door moet stampen om niet tot een totale parcheggio te geraken. Het asfalt is fonkelnieuw en ongeveer vier meter breed en dat is als je in je eentje bent uiteraard genoeg. Maar ik kan me voorstellen dat als je daar in een druk weekend met een boel anderen in de rondte rijdt, het wat aan de smalle kant is.

Eén van de vier beklimmingen eindigt op een heuse kasseistrook. Een dikke honderd meter aan kinderkopjes, voor het echte Ronde van Drenthe-gevoel. Afdalen gaat net als het klimmen op een eenrichtingsweg. Wel zo veilig. De haakse bocht aan het einde van het steile stuk naar beneden zorgt ervoor dat de remblokken ook goed getest worden. Dat het net even anders gekund, denk ik bij mijzelf. Maar als ik even later mijn hartslag tot boven de 170 zie gaan, zijn de rembloktranen alweer passé.

Cliché, maar wat geeft het.

Ik doe een stuk of zeven beklimmingen, maak ondertussen wat foto’s en moet lachen om het bord boven op de top: 4800 centimeter boven NAP. Een bord dat over twee jaar als het goed is aan vervanging toe is. Dan komt het Dak van Drenthe op meer dan zestig meter hoogte te liggen.

Met een mooi lusje rijd ik kruipdoor-sluipdoor terug naar mijn auto. Ik heb het naar mijn zin gehad op de VAM-berg en ben blij dat die iPad in huisje 418 is blijven liggen. Ik had zodoende een goede reden om terug te rijden naar Drenthe. Maar is de VAM-berg alleen een goede reden om meer dan honderd kilometer in de auto te zitten? Nee, alleen die berg is niet genoeg. Na een halfuurtje ben je – vind ik – echt wel uitgespeeld. Maar als je (een beetje) in de buurt bent, dan is de VAM-berg hartstikkene mooi om even op te stampen.

2 gedachten over “Een Drents wielerfeestje op de VAM-berg”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.